O Heer, Gij Hemelkoning,
mijn Vader en mijn Vrind,
zie neder uit uw woning
op mij, uw zondig kind.
Hier op dit vreemde eiland,
welks volk noch spraak ik ken,
zeg tot mijn hart, o Heiland
dat ik niet vergeten ben.
Gescheurd van vrouw' en kind'ren
ziet Gij mij hier, mijn God;
ver, ver van huis en vrinden,
hoe bitter is mijn lot!
Dan breek die blijde morgen,
die der verlossing aan,
dat wij weer zonder zorgen,
weer vrolijk huiswaarts gaan.
Written by Woorde: Anoniem, Gebed van die Boere-krygsgevangenes in die Kharkoolkamp, Sri Lanka (Ceylon) Musiek: Anoniem; verwerk: G.G. CILLIÉ


